De Auxerrois zonder Auxerrois


[Terug naar Wijn is Fijn]

[In ontwikkeling ..!]
Ja voor wie verder durft te kijken dan de doorgeschoten tot standaardkennis verworven opinies over ‘Bourgogne’-het-riedeltje-tussen-Beaune-en-Dijon-tot-Mâcon…
een reeks óók-Bourgogne subregio’s die, laten we zeggen, een ‘wat’ ander karakter hebben.
Met dank aan de Vins de Bourgogne-site die deze buitengebieden bepaald niet veronachtzaamt. Wat we overigens wel doen met de Chablis – we kunnen niet en gaan-desondanks niet (sic) Alles in één vegen. Die razorsharp Chardonnays (as we write in 2026 koelt een 2014 Premier Cru Beauroy beneden; rustigaan keurig op dronk) komen later nog wel in een eigen verhaal.

De Grand Auxerrois dus, oftewel de omgeving van Auxerre, zonder de stadskern daarvan. Alwaar de druif (spoiler alert: er is een reeks druiven die in een of andere streek wel Auxerrois worden genomed maar ieder toch meer bekend zijn onder wild-verschillende namen…) naar is vernoemd maar in deze omgeving juist niet voorkomt. Franse logica.
Rondom de stad zelf liggen diverse wijngaarden die Côtes d’Auxerre mogen heten. Ten noordoosten ‘achter’ de Chablis zelfs nog, vinden we Tonnerre en Épineuil. Ten zuidwesten van de stad, buiten de eerste ommelanden zeg maar, vinden we Chitry en Saint-Bris, en ietsje verder Irancy met wat westelijker aan de andere oever van de Yonne wat omhoog Coulanges-la-Vineuse. Een 35km onder Irancy hebben we nog Vézelay – we zitten dan al tegen het Bos van Morvan aan waaraan de andere kant de ‘traditionele’ Bourgogne ligt. Daarbij liggen nog de vlekjes Asquins, Saint-Père en Tharoiseau wie kent het niet.
En om het overzichtelijk te houden, 40km ten noordwesten van de grote stad Auxerre ligt dan nog aan de Yonne de plaats Joigny waar’achter’ een paar lieux-dits sorry ik bedoel climats liggen waarvan één onder de erkende-sub-appellation-naam Côte Saint-Jacques. Net iets meer dan 12 hectare deze hoek bij elkaar. Zullen we ook Montholon maar hierbij vegen? Niet alle sites weten dit te liggen of te bestaan; de site van de Vins de Bourgogne heeft wel een kaartje maar geen verder verhaal. Een maker van Saint-Jacques is er wel gevestigd dus…
En er is nog een apart gebied (stevig versnipperd) in het noordoosten, boven Beaune: de Châtillonnais. Niet te vergeten!
Let wel; alles wat cross-subappellation wordt geoogst c.q. verwerkt, of buiten de kernen van deze gebiedjes ligt, wordt uiteraard nog wel even gemakkelijk in Coteaux Bourguignons, Bourgogne Aligoté, Bourgogne Passe-tout-grains, Bourgogne Mousseux en Crémant de Bourgogne uitgeleverd.
Dat alles in gedetailleerd overzicht (dûh) inclusief de Châtillonnais, én de Chablis eigenlijk er middenin, hier op kaart.


[Hier komt het terroir/algemeen]

[terug naar boven]


[Hier komen de druiven waaronder César]

[terug naar boven]


Suivant, het meest interessante stukje misschien wel: De diverse sub-appellations met een drill-down per dorp (of nog kleiner)…:

  1. Irancy – op één omdat … nou ja, deze misschien nog een béétje bekend is. Vooral vanwege de lichte (maar niet te-roséig dunne) rode van Pinot Noir. Typisch Bopurgogne. Maar… helemaal niet zo typisch Bourgogne is dat er hier sinds de Romeinen, rare jongen die, ook César staat aangeplant, en in de appelation mag (tot 10%), flink donkere kleur en een klap tanninnes toevoegend. “Onder zijn goed onderhouden paarse kleur, licht neigend naar granaat en rijk aan reflecties, heeft hij een zeer fruitig boeket (zwarte aalbes, morilles, framboos, braam) waar bloemige, drop- of pepergeuren soms binnenkomen. Op het gehemelte smelten de tannines en maken plaats voor een stevige en fluweelachtige structuur. De zuurgraad zorgt voor uitstekende rijping (meestal 3 tot 10 jaar)” lees ik ergens. Degenen die ik proefde, voldoen hier inderdaad wel aan hoewel ik ze toch aan de verfrissende kant vond; geen kanonnen. Goed bij spare ribs en stoofpotten. De lichtere uitvoeringen passen ook bij pâtés en croûte, en qua kaas Camembert, Cantal, Chaource, en de bij ons minder bekende maar in de buurt absoluut aan te raden Soumaintrain.
    Ook de communes Vincelottes en Cravant mogen meedoen. Dat geeft een terroir in de vorm van een bekken omringd door heuvels en een begin van plateau, aan de Yonne benedenaan. De hellingen zijn vooral Kimmeridgien-mergelmengsels, met bruine kalk(steen)bodems die zo goed zijn voor de Pinot Noir. Reken op 130 tot 250 meter boven zeeniveau. De ligging varieert maar is toch wel voornamelijk zuid/zuidwest. Met zo’n beperkt gebied zijn voor de liefhebber ook alle lieux-dits in beeld. Visueel is nuttiger: hier in vogelvlucht en hier en hier op kaart. Voor een totaal van 6765 hectoliter van zo’n 207 hectare. Door een flink lijstje makers.
  2. Coulanges-la-Vineuse met diverse omliggende dorpen. Hier wordt wit gemaakt van Chard, en rood weer van Pinot Noir en César. [***] De communes Jussy, Escolives-Sainte-Camille, Migé, Cal-de-Mercy, Mouffy en Charantenay, en sommige makers uit Saint-Bris, Chitry en Ladoix-Serrigny mogen ook Coulanges produceren (mits de druiven uit … u snapt het.
    Visueel hier in vogelvlucht en hier en hier op kaart. Voor een totaal van 4234 hectoliter van zo’n 116 hectare rood en 748 hectoliter van 21 wit. Door een beperkt aantal makers.
  3. Saint-Bris-le-Vineux, met uniquement voor héél de Bourgogne, hier wél vrijwel exclusief zelfs, Sauvignon Blanc! Met wat ~Gris eromheen.
    Hoewel ik er vanuit ga dat niet iedereen haar kent, ga ik er ook vanuit dat u wél haar kent; Wina Born, die bij een flink aantal kazen in Het Standaardwerk, de Larousse kaas encyclopedie met antiquarische waarde, juist Saint-Bris aanraadt sterker nog deze noemt alsof het eigenlijk vanzelf spreekt dat iedereen deze kent en bij de lokale wijnhandel ruimschoots voorradig vindt. Zeker voor geitenkaas, feta, ricotta en me dunkt ook een double of triple crème (St. André of Brillat-Savarin spring to mind, obviously) maar natuurlijk ook Brie, Camembert, Fontina, Sbrintz en degelijke. Vergeet dan vooral niet de Appenzellers van deze wereld! en de lichte Gruyères, en … en … ja de Senbrie past bij zoveel …
  4. Chitry
  5. Vézelay (incl Asquins, Saint-Père en Tharoiseau, met Fontette ertussen) – let wel da’s dus niet Verzenay in de Champagne; het scheelt drie uur rijden. Met een basiliek zelfs; op zich niet de toeristentrekker (gelukkig) maar wel met toch een béétje aparte gevel etc. Wij dronken bij Chez Jean een heerlijke van hier!
  6. Épineuil (hier staat officieel sinds het jaar 92 wijn geplant… 21 makers slechts hebben het gered sinds heel Frankrijk maar niet een klein dorpje in Bretagne meedeed met de Romeinse drank-innovatie)
  7. Tonnerre, een flink wat groter buitengebied – nou ja, relatief dan; alles is relatief.
  8. Daartegenover een wel heel kleine snipper: Côte Saint-Jacques – op de kaart slechts een paar lieux-dits of hee we zijn in de Bourgogne we kunnen ze climats noemen ..? Als we goed kijken, zien we zelfs maar één veldje voor de sub-appellation de andere vijf climats zijn gewone AOC Bourgogne..! Wel vier wijnmakers die de druiven van hier gebruiken. Interessant; er staat wat Pinot Noir en Pinot Gris, plus Chard en Pinot Blanc.
  9. En algemeen overkoepelend en voor de restjes rond de stad, Côtes d’Auxerre.

Qua data kunt u wellicht overigens nog wat met een overzicht.

Dit alles conform de site van de Vins de Bourgogne; die zouden het toch moeten weten…
[terug naar boven]


[Deze afdeling wordt boven opgenomen; overzicht per sub-appellation maar ook de kaartjes per durrup.]
Plaatjes zat, zoals hier, hier, hier, hier, hier, hier, hier, hier, en hier. In bovengenoemde volgorde…


Laten we nog afsluiten met een stuk over de Châtillonnais, óók Bourgogne, best groot, en best bijna-geheel onbekend…:
[Over de versplitering leidende tot veel detailkaartjes]
[terug naar boven]

[Terug naar Wijn is Fijn]




Maverisk / Étoiles du Nord