Some balance in wine appreciation (Dutch)

Even de balans zoeken, in wijn proeven.
Eerder had ik al deze met een incompleet overzichtje van proef’methoden’/scores. Waarbij de basic chemistry, en het vastgestelde feit dat de tong hoewel per individu sterk variërend in ‘specialiteit’- en gevoeligheidsprofiel (4D) best wel even of veel meer gevoelig is dan ballpark lab-meetapparatuur, dus absoluut waarde heeft om aan te tonen dat iets met graniet ook daadwerkelijk die sensatie (sic) geeft en een hint van blauwe bessen dus betekent dat er een ietsje blauwe-bessenchemicalieën in zitten!

En met een uitstapje naar kaas. Zowat te vanzelfsprekend om nog te hoeven noemen.
Waarop bovendien een sausje van Beilagen in het algemeen in dit stuk. Oftewel; een diner moet [voor mij maar hé ik schrijf dit dus ik mag schrijven wat ik wil] 50-50 eten-wijn zijn, qua kwaliteit van de gang op bord en in het glas. Niet qua volume; kleine glaasjes want proeven boven drinken! en dat betekent dus ook dat de kwaliteit per volume in de wijn veel hoger moet liggen dan op het bord.

Nu is er dan eindelijk weer eens pertinente nieuwe info, wetenschappelijk gevalideerd dus: de op het oog belachelijke beschrijvingen van sommige kenners [als zodanig breed erkend…], worden door andere kenners juist geïnterpreteerd. Het is dus een kwestie van non-, semi- en vol-verbale signalling voor de in-crowd. Waarschijnlijk niet bewust, wellicht zelfs als jargongebruik-drempelverlagende inzet. Want als het volslagen verzonnen klinkt, kan iedereen er dus een eigen draai aan geven en niks is fout. Hetgeen allemaal heel juist is. Als er maar niet wordt geroepen ‘dat mag je niet proeven want dat staat niet in mijn WSET3-lijstje dat ik uit het hoofd heb geleerd ook al proef ik er niks van’.

Nou ja. Laten we het dus breed houden!
Tevens:

[Komt er inmiddels ook wijn uit de omgeving van Lake Geneva ..? Possibly.]

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *